Voorrang aan verkeersveiligheid

Publicatiedatum:

Veilig Verkeer Nederland heeft als missie dat iedereen veilig kan deelnemen aan het verkeer. De nieuwe meerjarenbeleidsvisie 2026 2030 ‘Voorrang aan verkeersveiligheid’ geeft richting aan deze missie. De focus ligt op het terugdringen van verkeersslachtoffers en het versterken van verkeersveiligheid als maatschappelijk thema. Veilig Verkeer Nederland vult haar rol de komende jaren in aan de hand van drie pijlers. Dat zijn verkeerseducatie als basis, de maatschappij in beweging zetten en anticiperen op risico’s in het verkeer.

Dave van Bogaert, Sandra van Baars en Gerco Hebbink

Even voorstellen. We gaan in gesprek met teamleiders Sandra van Baars (educatie en interventies), Gerco Hebbink (marketing en communicatie) en Dave van Bogaert (relatiebeheer) van Veilig Verkeer Nederland. Zij werken aan het realiseren van de nieuwe beleidsvisie en zorgen voor de uitvoering in de praktijk.

Bovenaan de agenda 

Minder verkeersslachtoffers en op de maatschappelijke agenda staan. Dat is wat Veilig Verkeer Nederland wil bereiken deze beleidsperiode. ‘Het aantal verkeersslachtoffers is in 2025 sterk gestegen. En de afgelopen jaren vallen er meer fietsslachtoffers’, geeft Dave aan. ‘Daarnaast zijn er andere belangrijke zaken die veel aandacht vragen van de politiek. Denk aan milieu en duurzaamheid. Hierdoor is verkeersveiligheid niet altijd een politieke prioriteit.’ ‘Daarom willen we meer van ons laten horen’, zegt Gerco. ‘Zodat verkeersveiligheid weer op de politieke agenda komt te staan en mensen weten waar Veilig Verkeer Nederland voor staat’. We willen samen met de vrijwilligers meer laten zien wat we als maatschappelijke organisatie allemaal doen om het verkeer veiliger te maken.’ 

Dat Veilig Verkeer Nederland zich duidelijker uitspreekt laat het voorbeeld over de helmplicht zien. Het kabinet is van plan om in 2027 een helmplicht in te voeren voor minderjarige bestuurders van lichte elektrische voertuigen (LEV’s). Hier valt de fatbike onder en ook andere e-bikes en e-steps. Gerco: ‘Vorig jaar hebben we de minister gesteund en aangemoedigd om deze wet door te voeren en daarbij nog een stap verder te zetten. De cijfers laten namelijk zien dat de meeste verkeersslachtoffers onder oudere fietsers vallen. We vinden daarom dat iedereen die met 25 km/uur op een fiets zit en trapondersteuning heeft, een helm moet dragen. Per slot van rekening moeten snorfietsers, die ook 25 km/uur gaan, dit ook. Het dragen van een fietshelm draagt bij aan het terugdringen van het aantal zwaargewonden en dodelijke verkeersslachtoffers. Met de wetenschap dat er 60% minder kans is op zwaar hersenletsel en 70% op dodelijk hersenletsel.’

Pijler 1: Verkeerseducatie als basis 

Een onderdeel dat standaard aandacht krijgt in de beleidsvisies door de jaren heen, is verkeerseducatie. ‘Educatie is belangrijk, omdat jong geleerd oud gedaan is’, aldus Sandra. ‘Omdat kinderen zich in elke leeftijdsfase verder ontwikkelen, is het belangrijk dat verkeerseducatie daarop aansluit. Juist daarom is een doorlopende leerlijn essentieel. Kinderen bouwen stap voor stap kennis en vaardigheden op die passen bij hun leeftijd en de verkeerssituaties waarmee ze te maken krijgen. Zo maken kinderen van jongs af aan kennis met het verkeer en de verkeersregels.’ Kennis en vaardigheden zorgen voor veilig gedrag, maar verkeerseducatie is meer dan regels leren. Het gaat ook om inzicht krijgen in gevaren. Kinderen leren risico’s herkennen en inschatten. Ook leren ze hier hun gedrag op aan te passen, zodat het verkeer veiliger wordt voor henzelf en voor anderen.

‘We investeren al meer dan 90 jaar in verkeerseducatie. Verkeerseducatie is één van de voorwaarden voor verkeersveiligheid. Als kinderen de regels kennen en veilig toepassen in het verkeer, risico’s begrijpen en leren anticiperen, kunnen we ongelukken echt voorkomen.’

Sandra van Baars, teamleider educatie en interventies

In de praktijk zien we dat de fietsvaardigheden van kinderen minder worden. Hier zijn meerdere oorzaken voor. ‘Veel kinderen worden met de auto of bakfiets naar het kinderdagverblijf of naar school gebracht’, zegt Sandra. ‘We stimuleren ouders om te voet of samen met de fiets te gaan. Dit doen we door middel van campagnes. Meer lopende of fietsende kinderen en minder auto’s, maken de schoolomgeving veiliger. We zorgen ervoor dat er ook materiaal beschikbaar is voor ouders, zodat ouders zich bewuster worden van hun voorbeeldrol. En dan kan een ouder het ook bespreken met zijn of haar kind. Daarnaast zetten we nu meer in op praktijklessen in de omgeving en op het schoolplein.’

Samenwerken met experts 

Veilig Verkeer Nederland is dé specialist als het gaat om verkeerseducatie. Sandra: ‘Samen met Stichting Leerplan Ontwikkeling (SLO) hebben we een doorlopende leerlijn voor verkeerseducatie in het basisonderwijs opgezet. Vervolgens zijn de leerdoelen uitgewerkt voor groep 1 tot en met 8. Dit is de basis van de VVN Verkeersmethode. Het VVN Verkeersexamen laten we ieder jaar toetsen door het Centraal Instituut voor Toetsontwikkeling (CITO). De resultaten worden onder andere gedeeld met scholen en ouders. Zij kunnen deze meenemen in de verkeerslessen op school en de verkeersopvoeding thuis.’

Ontwikkelen en evalueren 

Het lesmateriaal wordt ontwikkeld door de onderwijskundigen bij Veilig Verkeer Nederland. Sandra: ‘We evalueren onder onze gebruikers: de leerkrachten. Eén keer in de twee jaar doen we een gebruikersonderzoek. Dan vragen we feedback op de VVN Verkeersmethode. En als we materialen ontwikkelen, dan doen we dat volgens de design-thinking methodiek. Dus we doen eerst onderzoek: waar liggen de behoeften van de eindgebruikers? Op deze manier hebben we ook de methode voor het speciaal basisonderwijs (SBO) ontwikkeld.‘

‘Vervolgens betrekken we de doelgroep erbij, zodat we iets maken wat echt voor de doelgroep geschikt is. Ook hebben onze schoolaccountmanagers dagelijks contact met scholen. En denken we mee met scholen over hoe de VVN Verkeersmethode te verwerken in het lesgeven. Vanwege de drukke schema’s van leerkrachten is er daarom ook een digitale leerlijn. Deze ontzorgt leerkrachten door weinig voorbereidingstijd, geen nakijkwerk en snel inzicht in de voortgang.’

Pijler 2: De maatschappij in beweging zetten 

Iedereen die naar buiten gaat, is verkeersdeelnemer. ‘Verkeer staat voor vrijheid in het dagelijks leven’, zegt Gerco. ‘Je gaat naar werk, school en familie, daarom is verkeersveiligheid erg belangrijk. Jaarlijks belanden er 113.000 verkeersslachtoffers op de spoedeisende hulp. Daarnaast werden er volgens het SWOV 26.600 mensen met ernstig of matig letsel opgenomen in het ziekenhuis. Dat zijn er ruim 300 per dag! Veilig Verkeer Nederland kijkt verder dan cijfers. Achter elk ongeval zit persoonlijk leed; wat lang kan duren of blijvend is. Daarom is investeren in veiligheid belangrijk.’

Verkeersveiligheid is van iedereen. Overheden, bedrijven, burgers en VVN-vrijwilligers dragen samen bij aan de verkeersveiligheid. Gedrag kun je onder andere veranderen door de omgeving en cultuur te beïnvloeden. Gerco: ‘Als Veilig Verkeer Nederland kunnen we het verschil maken, omdat we een groot netwerk hebben. Dankzij onze vrijwilligers zijn we actief tot in de haarvaten van de samenleving, weten we wat er speelt en kunnen we lokaal het verschil maken. En ook via andere wegen oefenen we invloed uit op verkeersveiligheid. Zo zijn we ook in contact met de landelijke politiek, de provincies en gemeenten over diverse verkeersveiligheidsthema’s.

‘Achter elk cijfer zit een verhaal. Het is aan ons om dat zichtbaar te maken. Met duidelijke keuzes, herkenbare situaties en boodschappen die blijven hangen.’

Gerco Hebbink, teamleider marketing en communicatie

Handen uit de mouwen 

Negentig procent van de mensen kent Veilig Verkeer Nederland. Veel mensen helpen vrijwillig mee en doen mee aan campagnes zoals Bob. Ook helpen tienduizenden vrijwilligers bij het VVN praktisch Verkeersexamen. Zij beoordelen kinderen tijdens het examen. Elk jaar ontstaan duizenden buurtacties (12.000). Daarnaast ontvangt Veilig Verkeer Nederland zo’n 5.000 meldingen van bezorgde buurtbewoners over verkeersproblemen. Gerco: ‘Veilig Verkeer Nederland brengt mensen bij elkaar; van buurtbewoners tot verkeerskundigen.’

Pijler 3: Anticiperen op risico’s in het verkeer 

Op het herkennen en voorkomen van risico’s ligt deze beleidsperiode de meeste nadruk. Veilig Verkeer Nederland kiest voor een proactieve aanpak. Niet wachten op ongelukken, maar risico’s snel herkennen en verminderen. ‘Ik kwam in 2007 bij Veilig Verkeer Nederland’, vertelt Dave. ‘In die tijd groeide het gebruik van de smartphone snel. Veel mensen namen die smartphone ook mee in de auto. Hier waren toen nog geen regels voor. Op een gegeven moment was iedereen met die smartphone bezig. Als we toen konden voorzien wat de gevolgen waren, hadden we daar eerder op kunnen inspelen. Nu zijn we het ingesleten risicogedrag achteraf aan het corrigeren en dat is veel lastiger. Vooruitkijken, risico’s inschatten en proactief handelen is nodig met alle ontwikkelingen van nu.’ ‘Dat is ook de reden dat we het thema ‘afleiding’ inmiddels al in groep 7/8 van de basisschool aanbieden’, vult Sandra aan. ‘En niet pas in de brugklas van het voortgezet onderwijs, zoals hij bedoeld was. Je moet er echt vroeg bij zijn.’

Minder jagen, meer rekening houden met elkaar 

In Nederland is er een discussie over de maximumsnelheid in steden. Dave: ‘Steeds vaker wordt voorgesteld om op meer plekken 30 km/uur in te voeren. Dat geldt vooral voor wegen waar zowel fietsers als auto’s dezelfde ruimte delen. Op die plekken kan een lagere snelheid zorgen voor meer veiligheid. Idealiter ziet de weg er dan ook zo uit dat 30 km/uur logisch voelt. Een duidelijke inrichting helpt bestuurders om hun gedrag aan te passen. Tegelijk zien we het probleem dat het aanpassen van wegen veel tijd kost. Als we daarop wachten, duurt het nog zeker tien jaar voordat alles is aangepast. Dat zou betekenen dat de invoering van 30 km/uur ook lang op zich laat wachten. Daarom zien we liever dat de maximumsnelheid waar nodig alvast wordt verlaagd. Óók als de inrichting niet gelijk kan volgen. Daarnaast speelt gedrag een grote rol. Veel automobilisten zijn gewend aan 50 km/uur binnen de bebouwde kom. Dat is nog altijd de standaard en het uitgangspunt. Dat is opvallend, want meer dan 70 procent van die wegen heeft al een limiet van 30 km/uur. De regels en de praktijk lopen dus niet helemaal gelijk. Daarom zien we graag dat het uitgangspunt verandert naar 30 km/uur. Dat kan zorgen voor een andere manier van rijden. Minder jagen in het verkeer en meer rekening houden met elkaar.’

‘Het druk zijn, jagen om op tijd te komen, en het direct moeten reageren op elkaar, zorgt dat iedereen met zichzelf bezig is, ook in het verkeer. Dat zorgt voor onnodig risicogedrag en weinig begrip voor elkaar. Door in te zetten op deze inzichten en samenwerking doorbreken we dat patroon.’

Dave van Bogaert, teamleider relatiebeheer

Analyseren en impact maken 

Dave legt uit hoe Veilig Verkeer Nederland bepaalt waar het grootste risico zit: ‘We kijken onder andere naar de ongevallencijfers. Hier komen de grootste risicodoelgroepen uit. Zowel aan de slachtofferkant, als aan de veroorzakerskant. Daarnaast spelen buurtgenoten, leerkrachten en overheden een rol in risicobepaling. Hun feedback geeft ons ook informatie. Op deze manier bepalen we waar we de meeste impact kunnen maken. En hoe we het gedrag positief kunnen beïnvloeden.’

Veilig verkeer is ieders verantwoordelijkheid 

Zodra we de voordeur uitstappen, zijn we allemaal verkeersdeelnemer en daarmee onderdeel van de oplossing. Verkeersveiligheid vraagt om blijvende aandacht. Niet alleen op straat, maar juist ook daar waar keuzes worden gemaakt: in de politiek, bij wegbeheerders, in het onderwijs en in onze samenleving. Veilig Verkeer Nederland zet zich daarom actief in om dit onderwerp hoog op de agenda te houden en het maatschappelijk gesprek levend te houden. Want ‘iedereen veilig over straat’ begint bij ons allemaal. Daarom is het belangrijk dat we verkeersveiligheid écht voorrang geven.