Gedragsknoppen
Binnen het model onderscheiden we vier gedragsknoppen: kennis en vaardigheden, sociale context, weerstand en psychologische factoren. Deze zijn weergegeven als tandwielen die invloed hebben op gedrag.
We werken altijd vanuit het huidige gedrag naar het gewenste gedrag. Bij elk gedragsvraagstuk brengen we eerst met een gedragsanalyse in kaart welke gedragsknoppen het meest bepalend zijn. Vervolgens bepalen we welke knop of combinatie van knoppen het beste kan worden ingezet om gedrag te beĂŻnvloeden.
Het beĂŻnvloeden van deze gedragsknoppen kan direct effect hebben op gedrag, maar ook op de motivatie om gedrag uit te voeren. Motivatie alleen is echter niet altijd voldoende. Veel mensen nemen zich bijvoorbeeld voor om vaker te sporten, maar slagen er vervolgens niet in om dat daadwerkelijk te doen. Dit verschil tussen intentie en gedrag noemen we de intention-behavior gap.
Een voorbeeld
Uit onderzoek blijkt dat veel mensen hun telefoon gebruiken tijdens het fietsen. Dat is ongewenst gedrag waar we iets aan willen veranderen.
Een gedragsanalyse kan laten zien dat dit telefoongebruik vaak voortkomt uit gewoontegedrag. In dat geval is de gedragsknop kennis en vaardigheden waarschijnlijk minder relevant. De meeste fietsers weten immers dat telefoongebruik op de fiets risico’s met zich meebrengt en zijn ook in staat om hun telefoon weg te laten.
De knop psychologische factoren is dan vaak kansrijker. Onder deze knop vallen onder andere gewoontes, emoties, biases en persoonlijkheidskenmerken. Omdat gewoontegedrag een belangrijke rol speelt, ligt het voor de hand om juist daarop in te grijpen.
Gedragstechnieken
Aan de verschillende gedragsfactoren koppelen we gedragstechnieken waarvan uit onderzoek bekend is dat ze effectief kunnen zijn. Deze technieken verwerken we vervolgens in gedragsinterventies en educatieve producten, met als doel verkeersgedrag positief te beĂŻnvloeden.