Politieagent: ''Ze was zich totaal niet bewust van het gevaar''

| Unsplash-PetarPetkovski

Het verhaal van een agent na een heftig incident.

Wout Boevé is operationeel specialist bij de Politie. Zelf getuige zijn van het zoveelste smartphone gerelateerde verkeersincident was voor hem de druppel. Hij kwam in actie en deelde zijn verhaal op Facebook, met enorme respons.

 

‘Het was al wat schemerig toen ik een keer op straat reed in de politieauto. Er kwam mij een meisje tegemoet gefietst. Ze had een koptelefoon op en een mobieltje in de hand en reed zonder fietsverlichting ongeveer midden op de weg, recht op mij af. Ik heb haar laten stoppen en verteld wat ik een paar jaar geleden had meegemaakt toen er een meisje van veertien was aangereden. Ter plekke aangekomen bleek dat ze het ongeluk niet had overleefd. Wat me is bijgebleven, is dat haar oordopjes nog over de buitenspiegel van de auto hingen. Dat meisje had vermoedelijk niet goed uitgekeken bij het oversteken, zodat de automobilist niet tijdig kon remmen en haar schepte. Ik vertelde dat verhaal om bewustwording te creëren bij het meisje dat ik had gestopt: dit zijn de risico’s die je loopt als je afgeleid door het verkeer gaat. Mijn verhaal maakte best indruk, maar ik merkte ook dat ze zich totaal niet bewust was van het gevaar. Pure onwetendheid. Omdat waarschijnlijk meer jongeren niet beseffen welk risico ze lopen, heb ik een bericht op Facebook geplaatst. Dat bericht is meer dan 300.000 keer bekeken. Ik kreeg duizenden reacties, zowel van ouders als van kinderen. Aansluitend hebben we bij de politie een themaweek over afleiding in het verkeer gehouden en extra controles onder fietsers uitgevoerd. Ook daar kwamen weer een heleboel reacties op, onder meer via de social media. Niet lang daarna stonden de media op de stoep. RTV Noord-Holland heeft er een item over gemaakt en ook in lokale kranten is een artikel verschenen.’

Wettelijke verruiming voor handhaving nodig

De anekdote is van Wout Boevé (31 jaar), werkzaam als operationeel specialist bij de politie, eenheid Midden-Nederland. Hij is in 2008 in Hilversum bij de politie begonnen. Bijna dag in, dag uit ziet hij met eigen ogen het gevaar van smartphonegebruik in het verkeer. Boevé: ‘Ik heb een jaar recherchewerk gedaan. Voor de rest heb ik altijd in het blauw, in het uniform, gewerkt. Nu ben ik in verschillende functies vooral bezig met ondersteuning en aansturing, maar ik rij ook nog steeds in de politieauto. Onderweg zie ik in de praktijk dat het telefoongebruik in het verkeer nog altijd toeneemt. Evenals het aantal verkeersslachtoffers. De relatie tussen die twee is voor mij zo klaar als een klontje. De mobiele telefoon is zonder meer verantwoordelijk voor het stijgend aantal verkeersslachtoffers. Maar handhaving is buitengewoon lastig. Zodra iemand die zit te bellen achter het stuur een politieauto in de smiezen krijgt, laat hij of zij de telefoon vallen. Een fietser die een mobiele telefoon vasthoudt, is niet strafbaar. Daar komt bij dat de capaciteit van de politie ontoereikend is. De pakkans is laag. Dat alles maakt het voor ons niet eenvoudig. Tot mijn spijt stel ik vast dat wij als overheid geen passend antwoord op het probleem hebben. Het zou goed zijn als er in ieder geval een wettelijke verruiming van de handhavingsmogelijkheid zou komen.’ Jong en oud overschatten eigen kunnen.

‘Op de een of andere manier zijn mensen verslaafd aan

dat apparaat. Menigeen denkt dat het wel even kan –

dat binnenkomende appje onder het rijden lezen of dat

sms’je versturen – maar dat is niet zo.

Voor alle duidelijkheid: dit is niet enkel een probleem van jongeren, al zie je bij deze groep wel vaker dat ze niet alleen met hun telefoon bezig zijn, maar dat ze ook nog een koptelefoon op hebben. Ook ouderen bezondigen zich eraan, soms zelfs in het bijzijn van hun kind. Ik zou graag beschikken over statistieken die aantonen in hoeveel gevallen de smartphone betrokken is bij verkeersongevallen en in welke leeftijdscategorieën die zich voordoen, maar helaas zijn die cijfers er niet.’

Fatale verkeersongelukken

Onvoldoende handhavingsmogelijkheden, onvoldoende onderzoekscijfers, hoe frustrerend is dat? Boevé: ‘Dat is met name het geval als er een aanrijding plaatsvindt. In ons werkgebied hebben we twee fatale verkeersongelukken met kinderen meegemaakt. Dat is zó heftig. Voor de ouders, voor de automobilist die erbij betrokken is, voor de collega’s van de ambulance en de brandweer, voor mij en mijn collega’s bij de politie, voor de klasgenoten, voor iedereen die het kind kent. Elke keer dat het gebeurt, is er een te veel. Er is mij veel aan gelegen om het aantal ongelukken door smartphonegebruik terug te dringen. En dat geldt niet alleen voor het aantal dodelijke ongelukken, maar ook voor het onnodig hoge aantal ongelukken waarbij mensen zwaar letsel oplopen.’