Hoe ga je om met hulpverleners met zwaailicht en sirene?

Verkeersregels

Het is vaak even schrikken wanneer je als weggebruiker een hulpverlener met sirene en zwaailicht aan hoort en ziet komen. De hulpverlener heeft haast en wil zo snel mogelijk op de plaats van bestemming zijn. En dat lukt het beste als iedere weggebruiker weet wat hem of haar te doen staat. Lees onze tips zodat je weet hoe je veilig hier mee omgaat.

Rijdende ambulance met zwaailichten

Wanneer je een ambulance, politie- of brandweerwagen met zwaailichten en sirenes ziet, realiseer je dan de ernst van de situatie. Deze voertuigen zijn op weg naar iemand in nood. In de praktijk zien we dat weggebruikers vaak twijfelen over hoe zij correct moeten handelen. Dit leidt soms tot onveilige situaties en onnodig tijdverlies. Lees hieronder onze zeven tips hoe je hier het beste mee omgaat.

1. Blijf rustig

Blijf kalm en reageer rustig. Met andere woorden; raak niet in paniek. Zorg dat je andere weggebruikers niet in gevaar brengt en zorg voor een veilige doorgang. De ambulance, brandweerwagen of politieauto is op weg naar een spoedgeval waarbij levens op het spel kunnen staan.   

2. Houd je aan de verkeersregels

Houd je altijd aan de verkeersregels. Zo kunnen de hulpverleners anticiperen op je gedrag. Schiet dus niet zomaar het fietspad of de stoep op. Daarbij breng je bovendien ook weer andere verkeersdeelnemers in gevaar.  

3. Houd je aan de maximumsnelheid

Ga niet harder rijden dan toegestaan als er een hulpverlener achter je rijdt. Ga zoveel mogelijk naar rechts en maak ruimte zodra het mogelijk is. Bijvoorbeeld als je bij een parkeerhaven of rotonde aangekomen bent 

4. Geef richting aan

Laat door middel van je richting aan te geven zien dat je ruimte maakt.  

5. Houd de vluchtstrook vrij

Houd op de snelweg altijd de vluchtstrook vrij. Rij je op een snelweg zonder vluchtstrook, maak dan ruimte tussen de twee rijstroken in. De hulpverleners kunnen dan zo tussen de twee rijstroken door rijden. Is er een rijstrook vrij, laat deze dan ook vrij.  

6. Rijd niet door rood

Rij binnen de bebouwde kom niet door rood, maar maak voorzichtig ruimte. Hulpverleners mogen uiteraard wel door rood rijden.  

7. Ruimte rond de rotonde

Ten slotte, bevind je je op een rotonde, verlaat die dan pas op het moment dat de hulpverlener de rotonde heeft verlaten.  

Meedoen is makkelijk 

Met bovenstaande tips weet je nu wat je te doen staat als er een hulpverlener nadert. Kies altijd voor een veilige optie. 

Meer weten over verkeersregels? Bekijk hier de belangrijkste regels voor automobilisten. Of fris je kennis op met de VVN Opfrisquiz

Meer adviezen over veilig en prettig blijven autorijden?

Bekijk Tips en hulpmiddelen of Kennis opfrissen!